Basisbereidingen

1. Snijtechnieken
In de keuken gebruiken we verschillende manieren om voedsel te snijden. Die noemen we snijtechnieken. Elke techniek heeft een eigen vorm en doel.
Hier zijn enkele veelgebruikte snijtechnieken:
-
Plakjes snijden – bijvoorbeeld komkommer of tomaat
-
Blokjes snijden (brunoise) – bijvoorbeeld wortel of ui in kleine vierkantjes
-
Reepjes snijden (julienne) – dunne lange reepjes van wortel of paprika
-
Grove stukken snijden – grote stukken voor soep of stoofpot
-
Hakwerk (fijnhakken) – verse kruiden of look klein snijden
-
Schillen en ontpitten – veilig en precies fruit of groenten voorbereiden
Ook het gebruik van de juiste messen is hierbij belangrijk. Door de juiste techniek en het juiste materiaal te gebruiken, kan je sneller en beter werken.
Kom meer te weten over snijtechniek
2. Natte kooktechnieken
Natte kooktechnieken zijn manieren om eten te garen met water of andere vloeistoffen, zoals bouillon, melk of wijn. Dit gebeurt meestal in een kookpot of pan.
Je gebruikt vocht én vaak ook warmte om het voedsel te laten garen. Dat is zacht voor de ingrediënten en zorgt voor lekkere smaken. De natte kooktechnieken vormen de basis van heel wat gerechten. We leren meer over:
-
Koken
-
Pocheren
-
Stomen
-
Blancheren
-
Smoren (stoven)
Ontdek de verschillende kooktechnieken. Op het einde van de basisjaren moet je ze allemaal kennen en kunnen toepassen
3. Droge kooktechnieken
Droge kooktechnieken zijn manieren om eten te garen zonder water of andere vloeistoffen. Je gebruikt hitte en vetstof (zoals olie of boter) of gewoon droge warme lucht (zoals in een oven).
Hierdoor krijgt eten vaak een korstje, kleur en extra smaak.
Voorbeelden van droge kooktechnieken:
-
Bakken in de pan
-
Braden in de oven of pan
-
Roosteren (grillen of oven)
-
Grillen
-
Frituren
Droge kooktechnieken maken het verschil tussen “gewoon gaar” en “wauw, dat ziet er lekker uit!”
Ontdek de verschillende kooktechnieken. Op het einde van de basisjaren moet je ze allemaal kennen en kunnen toepassen